Suunto EON Core - Functies - Multigasduiken

Suunto EON Core Gebruikershandleiding

Multigasduiken

Multigasduiken

Suunto EON Core laat gaswisselingen toe tijdens een duik tussen de gassen die in het menu Gas(sen) zijn gedefinieerd. Tijdens het opstijgen wordt altijd gemeld dat er van gas gewisseld kan worden als een beter gas beschikbaar is.

De volgende gassen kunnen bijvoorbeeld beschikbaar zijn als u naar 55 m (180.5 ft) duikt:

  • tx18/45, MOD 58 m
  • tx50/10, MOD 21 m
  • zuurstof, MOD 6 m

U ontvangt een melding voor het wisselen van gas bij 21 m (70 ft) en 6 m (19,7 ft) overeenkomstig de maximale gebruiksdiepte (MOD) van het gas.

Er verschijnt een pop-up als u het gas moet wisselen, zoals hieronder getoond:

Change Gas Core

WAARSCHUWING:

Als u met meerdere gassen duikt, moet u eraan denken dat de berekening van de opstijgtijd steeds wordt uitgevoerd op basis van de veronderstelling dat u alle gassen in het menu Gas(sen) gebruikt. Controleer altijd dat u alleen de gassen voor uw huidige geplande duik definieert voordat u gaat duiken. Verwijder de gassen die niet beschikbaar zijn voor de duik.

Gassen aanpassen tijdens een duik

Het aanpassen van gassen is alleen voor noodgevallen. Door onvoorziene omstandigheden kan een duiker bijvoorbeeld een gasmengsel verliezen, waarbij de duiker zich kan aanpassen op de situatie door dat gasmengsel uit de gassenlijst te verwijderen Suunto EON Core. Zo kan de duiker blijven duiken en correcte decompressie-informatie ontvangen die door de duikcomputer wordt berekend.

Indien in een ander geval een duiker om een bepaalde reden zonder gas zit en een gasmengsel van een mededuiker moet gebruiken, is het mogelijk om Suunto EON Core aan de situatie aan te passen door het nieuwe gasmengsel toe te voegen aan de lijst. Suunto EON Core herberekent de decompressie en laat de correcte informatie zien aan de duiker.

OPMERKING:

Deze functie is standaard niet ingeschakeld. Deze moet worden geactiveerd en creëert een extra stap in het gasmenu tijdens de duik. Deze functie is alleen beschikbaar indien meerdere gassen zijn geselecteerd voor de duikmodus.

Om gassen te kunnen aanpassen, schakelt u de functie in het instellingenmenu in onder Duikinstellingen (Duikinstellingen) / Parameters (Parameters) / Gassen aanpassen (Gassen wijzigen).

Na het inschakelen kunt u tijdens een duik met meerdere gassen een nieuw gas toevoegen of een bestaand gas in de gaslijst selecteren om het te verwijderen.

Isobaric counterdiffusion (Isobaric counterdiffusion) (ICD)

Isobaric counterdiffusion (ICD) komt voor wanneer de diffusie van verschillende inerte gassen (zoals stikstof en helium) tijdens een duik in verschillende richtingen plaatsvindt. Met andere woorden, een van de gassen wordt opgenomen door het lichaam terwijl een ander gas wordt vrijgegeven. ICD vormt een risico bij duiken met Trimix-mengsels.

Dit kan gebeuren tijdens een duik, bijvoorbeeld wanneer een duiker van een Trimix-gas wisselt naar Nitrox of lichte Trimix. Wanneer de wissel wordt uitgevoerd, vindt de diffusie van helium en stikstof snel in tegenovergestelde richtingen plaats. Dit produceert een tijdelijke verhoging in de totale inerte gasdruk wat kan leiden tot decompressieziekte (DCS).

Er zijn momenteel geen algoritmes die ICD kunnen aanpakken. Daarom moet u daar rekening mee houden bij het plannen van Trimix-duiken.

U kunt Suunto EON Core gebruiken om uw Trimix-gebruik veilig te plannen. Onder het menu Gases (Gassen) kunt u de percentages zuurstof (O2) en helium (He) aanpassen om de veranderingen in de partiële druk van stikstof (ppN2) en de partiële druk van helium (ppHe) waarden te zien.

Een stijging in partiële druk wordt aangegeven door een positief getal en een daling met een negatief getal. De veranderingen in ppN2 en ppHe worden weergegeven naast elk gasmengsel waar u naar wilt wisselen. Maximale werkingsdiepte (maximum operating depth) is de diepte waarop het gasmengel gebruikt wordt.

Een ICD-waarschuwing wordt gegenereerd wanneer de diepte van de gaswissel meer is dan 10 m (30 ft) en één van de volgende:

  1. De verandering in ppN2 stijgt met meer dan +0,5 of
  2. De verandering in ppHe stijgt met meer dan +0,5 en ppN2 daalt met meer dan -0,25.

Indien deze limieten worden overschreden tijdens een gaswissel, geeft Suunto EON Core het risico op ICD aan zoals hieronder aangegeven:

isobaric new

In dit voorbeeld zijn de beschikbare gasmengsels voor een diepe Trimix-duik:

  • Trimix 15/55
  • Trimix 35/10
  • Trimix 50/10
  • Zuurstof

Suunto EON Core benadrukt het gevaarlijke ICD wanneer het gasmengsel gewisseld wordt van 15/55 naar 35|10 op een diepte van 34,4 m.

Indien deze gaswissel wordt uitgevoerd, ligt de verandering in ppN2 en ppHe ver buiten de veilige limieten.

Een manier om het risico op ICD te vermijden is door het heliumgehalte in het 35/10-gasmengsel te verhogen naar een 35/25 Trimixmengsel. Dit houdt de veranderingen in partiële druk op een veilig niveau en verwijdert het gevaar van een plotselinge ICD.