Suunto Nautic Gebruikershandleiding
Belangrijke informatie tijdens duik
Tijdens de duik geeft je apparaat de volgende informatie weer:
Decompressie-informatie:
Het decompressieveld is altijd zichtbaar en toont de volgende gegevens in de volgende situaties:
Geen decompressiegrens (NDL): Dit is de tijd die je op de huidige diepte hebt totdat decompressiestops verplicht zijn. Als de geen-decompressietijd langer is dan 99 minuten, wordt deze weergegeven als >99. Wanneer de geen-decompressietijd 5 minuten of korter is, wordt er een verplicht alarm geactiveerd en wordt het veld in het display gemarkeerd totdat de geen-decompressietijd weer langer dan 5 minuten is of is vervangen door decompressie-informatie.
Meer over verplichte alarmen lees je onder Verplichte duikalarmen.

Je kunt dit veld aanpassen om zowel de waarde van de geen-decompressielimiet (NDL) als TTS tegelijkertijd weer te geven. Zie 4.8. Aanpassing van schakelvenster.

Decotijd: Als de geen-decompressielimiet wordt overschreden, gaat er een alarm af en wordt de geen-decompressielimiet vervangen door de optimale opstijgtijd in minuten (TTS). Er wordt een Deco-badge weergegeven en het stopveld toont de volgende decompressiestop of de waarde van het plafond, afhankelijk van het decompressieprofiel. Ook gaat er een alarm af, dat je kunt bevestigen door op een knop te drukken. Lees meer over decompressieduiken in Decompressieduiken.

Stopveld: Als er tijdens de duik een veiligheids- of decostop moet worden gemaakt, wordt er een stoptimer in het venster getoond die de vereiste stoptijd in minuten en seconden aftelt. Het dieptebereik van de stop wordt aangegeven in het diepteveld. Zodra de stop is voltooid, wordt Stop gemaakt weergegeven. Je kunt de veiligheidsstop instellen op 3, 4 of 5 minuten (standaard 3 minuten) bij de instellingen van het algoritme.

Oppervlaktetijd: Zodra je boven bent, wordt het stopveld vervangen door een oppervlaktetimer. Deze toont de tijd die is verstreken tussen het moment dat je aan het einde van de duik aan de oppervlakte komt, en het moment dat je afdaalt voor de volgende duik. De tijd wordt het eerste uur getoond in minuten en seconden. Na het eerste uur wordt de tijd getoond in uren en minuten totdat er 24 uur is verstreken, vervolgens tot zeven dagen na de duik in uren en daarna alleen in dagen.

Opstijgsnelheid: Tijdens een duik geeft de balk in het midden van het scherm aan hoe snel je opstijgt. Eén segment in de balk staat voor 2 meter (6,6 ft) per minuut.

De kleuren van de balk betekenen het volgende:

Grijs geeft aan dat de opstijgsnelheid minder dan 2 meter (6,6 ft) per minuut is
Groen geeft dan dat de opstijgsnelheid tussen 4 meter (13 ft) en 8 meter (26 ft) per minuut ligt
Geel geeft aan dat de opstijgsnelheid hoger dan 8 meter (26 ft) per minuut is
Rood geeft aan dat de opstijgsnelheid 10 meter (33 ft) per minuut is
Rood gemarkeerd geeft aan dat de opstijgsnelheid 5 seconden of langer hoger is dan 10 meter (33 ft) per minuut
OVERSCHRIJD NOOIT DE MAXIMALE OPSTIJGSNELHEID! Als je te snel opstijgt, is de kans op letsel groter. Maak altijd de verplichte en aanbevolen veiligheidsstops wanneer je de aanbevolen maximale opstijgsnelheid hebt overschreden.