Suunto Nautic Gebruikershandleiding
Schakelvenster voor duiken
In het schakelvenster aan de linkerkant van het duikscherm kan verschillende informatie worden getoond – elke keer dat je de OK-knop kort indrukt, wisselt de informatie.
Je kunt de informatie die wordt weergegeven in het schakelvenster aanpassen in Duikinstellingen > Aanpassing> Schakelvenster.
De lijst toont alle weergaven die momenteel aan het schakelvenster zijn toegewezen. Selecteer een weergave om deze te bewerken. De optie Nieuwe weergave toevoegen is beschikbaar aan de onderkant (tenzij het maximum van 10 weergaven is bereikt).

Nieuwe weergave toevoegen
- Selecteer een weergavetype (groot of dubbel veld). Eenmaal geselecteerd kan het weergavetype niet meer worden gewijzigd.

- Selecteer een veld om een functie toe te wijzen uit de beschikbare lijst. Herhaal dit voor het tweede veld (als je een indeling met twee velden gebruikt).

- Druk op Weergave opslaan om te bevestigen.
Sommige velden, bijvoorbeeld Weefsel, Kompas en Stopwatch zijn alleen beschikbaar als grote velden.
Een weergave bewerken
Bij het bewerken van een weergave:
- Het type lay-out is vast.
- Velden kunnen op elk gewenst moment worden gewijzigd.

- Weergave verwijderen vervangt de optie Weergave opslaan.
Een weergave kan niet worden verwijderd als het de enige weergave in de lijst is.
Sommige waarden kunnen in het schakelvenster verschijnen wanneer ze worden geactiveerd door een alarm of gebeurtenis, zelfs als ze niet als actieve velden zijn geconfigureerd.
De volgende gegevens kunnen in het schakelvenster worden geconfigureerd:
| Schakelvenster | Informatie in schakelvenster | Toelichting |
|---|---|---|
![]() | Max. diepte | De maximale diepte die tijdens de huidige duik is bereikt. |
![]() | Klok | Het tijdstip – als 12-of 24-uursklok, afhankelijk van de tijdnotatie die je onder Tijd/datum hebt ingesteld. |
![]() ![]() | Tankdruk | De tankdruk in de ingestelde eenheid (bar of psi) voor je actieve gasmengsel indien verbonden met een Tank POD. |
![]() | Gasverbruik (L/min of kub. ft/min) | Het gasverbruik is de daadwerkelijke snelheid waarmee je tijdens een duik gas verbruikt. Het gasverbruik wordt gemeten in liters per minuut (kubieke feet per minuut) en wordt berekend voor de actuele diepte. Zie Gasverbruik voor meer informatie. |
![]() | Gastijd | De gastijd is de tijd die je op de huidige diepte kunt blijven. Zie Gastijd voor meer informatie. |
![]() | Tijd naar oppervlakte(TTS) | Tijd naar oppervlakte is de tijd in minuten die je nodig hebt om naar de oppervlakte te gaan met de ingestelde gasmengsels inclusief alle verplichte decompressiestops. |
![]() | WerkelijkppO2 en MOD | De huidige zuurstofdruk van het actieve gas. Partiële druk is de fractie zuurstof in het gas op de huidige diepte. De waarde wordt altijd getoond als absolute druk (ATA) (1 ATA= 1,013 bar). Als de ppO2 de vooraf ingestelde limiet voor het gasmengsel overschrijdt, kleurt het schakelvenster geel en wordt er een alarm geactiveerd. Als de ppO2 de maximale partiële druklimiet van 1,6 overschrijdt, wordt het schakelvenster rood totdat je minder diep stijgt dan de MOD-diepte. Maximale duikdiepte (MOD) is de diepte waarop de partiële zuurstofdruk (ppO2) van het gas een veilige limiet overschrijdt. |
![]() | Gemiddelde diepte | De gemiddelde diepte van de huidige duik wordt berekend vanaf het moment dat de startdiepte wordt overschreden, tot het einde van de duik. |
![]() | Gradiëntfactoren | De gradiëntfactor die je hebt ingesteld in de Algoritmeinstellingen. Zie Instellingen van het algoritme en Gradiëntfactoren voor meer informatie over het duikalgoritme en gradiëntfactoren. |
![]() | GF99 / oppervlakte-GF | GF99 is de huidige gradiëntfactor op je huidige diepte, uitgedrukt als het percentage van de M-waarde van het leidende compartiment. Dit vertegenwoordigt de relatie tussen omgevingsdruk en opgeloste stikstof in de weefsels. Op gas wordt weergegeven wanneer de weefselspanning lager is dan de druk van het ingeademde inerte gas. GF99 wordt geel weergegeven wanneer GF Hoog is overschreden. GF99 wordt rood weergegeven (waarschuwing) bij 100% en blijft rood voor alle waarden boven 100%. Oppervlakte-GF is de gradiëntfactor die je zou hebben als je direct naar de oppervlakte zou gaan. Als GF99 je GF Hoog-instelling overschrijdt, wordt Oppervlakte-GF in geel weergegeven (let op). Als GF99 hoger is dan 100%, wordt Oppervlakte-GF in rood weergegeven (waarschuwing). |
![]() | Noodplan Delta 5 / bij 5 | De voorspelde wijziging in TTS als je nog 5 minuten op de huidige diepte zou blijven. De voorspelde TTS als je nog 5 minuten op de huidige diepte blijft. |
![]() | Opstijgsnelheid | Opstijgsnelheid in m/min. |
![]() | Weefselgrafiek | Toont de spanning van het inerte gas in weefselcompartimenten. De snelste weefsels staan bovenaan, de langzaamste onderaan. De staven combineren stikstof en helium; de druk stijgt naar rechts.
|
![]() | Plafond | Wanneer verplichte veiligheidsstops nodig zijn, wordt in het schakelvenster en waarde voor het plafond getoond. Suunto Nautic toont altijd de plafondwaarde vanaf de diepste van deze stops. Je mag nooit tot boven het plafond stijgen. Lees meer over decompressieduiken in Decompressieduiken. |
![]() | Actief gas | Het huidige actieve gas. |
![]() | OTUCNS | OTU: Eenheid voor zuurstoftolerantie (Oxygen Tolerance Unit). Dit wordt gebruikt om de zuurstofvergiftiging in het lichaam als gevolg van blootstelling aan een te hoge partiële zuurstofdruk te meten. De Suunto Nautic waarschuwt je wanneer de dagelijkse aanbevolen limiet 250 (pas op) en 300 (waarschuwing) bereikt. CNS: Vergiftiging van het centraal zenuwstelsel. De CNS-waarde is een maat voor hoe lang je blootgesteld bent geweest aan verhoogde partiële zuurstofdruk (ppO2), weergegeven als een percentage van een maximaal toegestane blootstelling. De Suunto Nautic waarschuwt je als CNS% geeft 80% (pas op) bereikt en wanneer de limiet van 100% (waarschuwing) wordt overschreden. |
De blootstelling aan zuurstof wordt berekend op basis van tabellen en principes met de huidige geaccepteerde blootstellingstijden. De limieten zijn gebaseerd op de NOAA Diving Manual. Het CNS-percentage wordt in de duikmodus doorlopend berekend, ook wanneer je boven water bent.
Ook schat de duikcomputer aan de hand van verschillende methoden de blootstelling aan zuurstof zo behoudend mogelijk in. Voorbeeld:
- De weergegeven zuurstofblootstelling wordt naar boven afgerond naar het eerstvolgende percentage.
-De CNS% is maximaal 1,6 bar (23,2 psi).
-De OTU wordt bewaakt op basis van het dagelijkse tolerantieniveau voor de lange termijn en de herstelfactor is verlaagd.
Aan de oppervlakte en nadat de duik is beëindigd, neemt de CNS waarde af met een halfwaardetijd van 90 min. Als de CNS na de duik bijvoorbeeld 100 is, is deze na 90 minuten afgenomen tot 50 en na nog eens 90 minuten tot 25.
WANNEER DE FRACTIE ZUURSTOF DE MAXIMALE LIMIET HEEFT BEREIKT, MOET JE ONMIDDELLIJK ACTIE ONDERNEMEN OM DE ZUURSTOFBLOOTSTELLING TE VERLAGEN. Doe je na een CNS%-/OTU-waarschuwing niets om de blootstelling te verlagen, dan kan het risico van zuurstofvergiftiging, letsel of de dood snel toenemen.




![switch window configure gas comsump]](/contentassets/5743c6be4e7e42208d75217ca20cb23d/switch-window-configure-gas-comsump.png)











![switch window configure otu cns]](/contentassets/5743c6be4e7e42208d75217ca20cb23d/switch-window-configure-otu-cns.png)